Language English

Wahdat ,Afghaanse
S
tudentenvereniging

Nieuws
Afghanistan
Geografie
Uruzgan
Afghan TV        New
Live radio        New
Muziek VideoClip
Top 5 Muziek New
Funny
Zoeken
Contact

Uruzgan

Uruzgan (of Oeroezgan, Oruzgan) (Perzisch en Pasjtoe: اروزگان) is een van de 34 provincies van Afghanistan. Uruzgan bevindt zich in het midden van het land.

Uruzgan wordt ook wel geschreven als Urusgan, Oruzg(h)an of Oeroezgan. Uruzgan is sinds 1964 een provincie (“velayat”) in Centraal-Afghanistan.
Sinds maart 2004 bestaat Uruzgan uit negen districten (“woluswali”): Chora, Dihrawud, Gizab, Khas Uruzgan, Kijran, Nesh, Shahidi Hassas, Shahristan en Tarin Kowt.

In het district Tarin Kowt ligt de gelijknamige provinciehoofdstad (sinds 1970) Tarin Kowt, dat ook wel wordt geschreven als Tarin Kut of Tarin Kot.
Tarin Kowt ligt op 32° 36’59,99” noorderbreedte en 65° 52’00,01” oosterlengte. In 2000 telde Tarin Kowt ± 30.000 inwoners, anno 2006 is dit aantal teruggelopen naar ± 17.000 inwoners.

In de stad bevindt zich een staatsziekenhuis en sinds december 2003 ook een ziekenhuis met een capaciteit van 60 bedden, gefinancierd door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). De medische verzorging in de regio blijft desondanks volledig ontoereikend. Tarin Kot zal één van de plaatsen zijn waar de Nederlandse militairen gestationeerd worden; de andere is het stadje Deh Rawood. Andere grotere oorden zijn Chora, Share Now en Uruzgan.

In Deh Rawood hebben de Amerikanen een compound. De stad - 400 km ten zuidwesten van de Afghaanse hoofdstad Kabul, 120 km ten noorden van Kandahar en 30 km ten oosten van Tarin Kot - staat bekend als een Taliban-bolwerk en geldt als de locatie van waaruit de rebellie tegen de door de Verenigde Staten gesteunde Afghaanse regering wordt geleid. Op 24 november 2004 kwamen in dit bergachtige terrein zonder enige vorm van verharde weg nog twee korporaals van de 25th Infantry Division bij gevechten om het leven.

Geografie

De provincie Uruzgan grenst onder andere aan de provincies Kandahar in het zuiden, waar de Britten al zitten en nog meer troepen heen zullen sturen, en Helmand in het zuidwesten, waar de Canadezen zich zullen vestigen.
In het zuiden van Afghanistan liggen de (half)woestijngebieden, waar de winters erg koud zijn met veel neerslag. De zomers zijn warm en zeer droog. 's Winters is het er te koud om te vechten, maar als de sneeuw is gesmolten kan Uruzgan à la minute veranderen in een heus oorlogsgebied. Door de moeilijk toegankelijke, grotendeels bergachtige ligging (berghoogten tot 5 km) is Uruzgan zonder noemenswaardige mobiliteit via de derde dimensie (transporthelikopters) nauwelijks beheersbaar.

Bestuur

Het Taliban-regime was van 1996 tot 2001 aan de macht en voerde streng-islamitische wetten door.
Provinciebaas is gouverneur Jan Mohammed Khan (ook geschreven als Dschan Mohammed Chan), die echter ook bekend staat als drugshandelaar en maffiabaas. Onder het Taliban-bewind heeft hij drie jaar in de gevangenis gezeten. Khan is een neef van Hamid Karzai en als zodanig loyaal aan de pro-Amerikaanse regering van de Afghaanse president.
Karzai zelf is sinds december 2001 voorzitter van de Afghaanse overgangsregering en sinds 2002 interim-president.
Op 18 september 2005 hebben er voor het eerst in 36 jaar tijd vrije parlements- en lokale verkiezingen in Afghanistan plaatsgevonden. Maar de angst om de Taliban is er niet minder om. Zo is de opkomst ongeveer 25% lager dan bij de presidentsverkiezingen een jaar eerder (op 9 oktober 2004, gewonnen door Hamid Karzai), mogelijk uit angst voor aanslagen door de Taliban.

Toch heeft de Afghaanse regering, ondanks een hoog democratiseringsgehalte, nauwelijks controle en zeggenschap over de provincies, dus ook niet over Uruzgan.

Nadat de Amerikanen een einde maakten aan het Taliban-regime, heersen in Uruzgan nog altijd banditisme en wetteloosheid. Amerikaanse militairen strijden er - samen met de Afghan National Army (ANA), diverse clans, Taliban-strijders, Al Qaida en drugsbaronnen - volgens de wet van de jungle om het recht van de sterkste.

Op lokaal en regionaal niveau wordt Uruzgan geregeerd door clan-twisten, tribale rivaliteiten en niet te vergeten vergaande corruptie. Eigenlijk is enkel de hoofdstad Tarin Kot in handen van Jan Mohammed Khan, maar ook hier vinden dagelijks schermutselingen plaats tussen troepen van de gouverneur en Taliban-strijders en -sympathisanten.

De regionale Taliban wordt aangevoerd door Mullah Dadullah, een gevreesde Taliban-commandant die opereert vanuit de Pakistaanse provincie Balluchistan. Het Pakistaanse grensgebied van Afghanistan is overigens de belangrijkste haard van onrust die de anti-westerse coalitietroepen in Afghanistan tegenstand biedt.

De Taliban heeft gezworen Jan Mohammed Khan te doden, vooral omdat de Taliban de afgelopen jaren door toedoen van de gouverneur drie commandanten heeft verloren: Mullah Abdul Ruzaq, Mullah Abdul Manun en Mullah Payoud Mohamad.

Op 18 maart 2006 benoemde de Afghaanse president Hamid Karzai een andere gouverneur voor de provincie Uruzgan: Abdul Hakim Munib is de opvolger geworden van Jan Mohammed Khan. De vervanging van de gouverneur was een voorwaarde van de Nederlandse regering om Nederlandse militairen te sturen.

Was Khan controversieel vanwege vermeende belangenverstrengeling, drugshandel en het tamelijk vrijelijk hanteren van de mensenrechten, Munib is Talib geweest, lid van de Taliban dus. Onder de terreur van de Taliban, die hij nu heeft afgezworen, was hij omstreden en deskundigen vinden Munib “eerder een groter risico voor de Nederlandse troepen dan een garantie”. Volgens dezelfde experts was hij “allesbehalve een kleine jongen onder het schrikbewind van de Taliban” (nieuws- en actualiteitenprogramma NOVA, 3 april 2006).

Munib heeft in de jaren ’90, onder het inmiddels verdreven Taliban-regime, verschillende ministersposten bekleed. Hij was provinciebestuurder in de Zuid-Afghaanse provincie Paktia, in het grensgebied met Pakistan, en deed in 2005 mee aan de verkiezingen om de ‘Wolesi Jirga’ (provinciebestuur). Daardoor kon hij als één van de afgevaardigden uit Paktia ook deelnemen aan de ‘Loya Jirga’ (landsbestuur).

Militair

De multinationale ISAF-brigade in het zuiden van Afghanistan (Multi-National Brigade South), waartoe ook de Nederlandse militairen in Uruzgan gaan behoren, wordt geleid door de Canadese brigadegeneraal David Fraser. Vanaf maart 2006 neemt de voormalig commandant van 1 Canadian Mechanized Brigade Group zijn intrek in het hoofdkwartier op het vliegveld van Kandahar.

Fraser staat bekend als een havik; zo ontsloeg hij aan de vooravond van het vertrek enkele topofficieren om zich te verzekeren van een goed team om zich heen.

Fraser neemt ruim 2.000 Canadese militairen mee in de grootste missie sinds de Koreaanse oorlog en zegt hierover: “Elke soldaat, man of vrouw, weet dat hier [in Afghanistan] door zijn komst iets zal veranderen”.

Commandant van de Canadese brigadegeneraal David Fraser is de Britse luitenant-generaal David Richards, de voormalig commandant van het Allied Rapid Reaction Corps van de NAVO.

Richards zal binnenkort de Italiaanse luitenant-generaal Mauro Del Vecchio opvolgen als commandant van ISAF (COMISAF). Ook Richards mag een havik worden genoemd. Hij laat er geen enkel misverstand over bestaan dat ook de Amerikaanse militairen van operatie ‘Enduring Freedom’ uiteindelijk onder zijn commando vallen: “I own this battlespace” (“Dit slagveld is van mij”).

Op 28 februari 2006 heeft de Transfer of Authority van de Multi-National Brigade South van de International Security Assistance Force (ISAF) plaatsgehad: de Amerikaanse kolonel Kevin Owens droeg het commando over aan Fraser. Uiteindelijk zal de Canadese brigadegeneraal David Fraser het directe bevel voeren over ± 6.000 militairen die afkomstig zijn uit de volgende landen:

Australië
Canada
Denemarken
Estland
Groot-Brittannië
Nederland
Roemenië
Verenigde Staten
De militairen zullen in 6 Afghaanse provincies patrouilles e.d. uitvoeren. In 4 van de 6 provincies zullen zich Provinciale Reconstructie Teams (PRT's) vestigen: Helmand (Britten), Khandahar (Canadezen), Uruzgan (Nederlanders) en Zabul (Verenigde Staten):

In totaal telt ISAF in Afghanistan 24 Provincial Reconstruction Teams.

Rechtstreeks boven Fraser staat de operationele commandant, de Amerikaanse generaal-majoor Benjamin Freakley. Freakley is sinds 28 februari de nieuwe bevelhebber van Combined Joint Task Force-76. CJTF-76 is het operationele commando dat ressorteert onder het Combined Forces Command Afghanistan (CFC-A) en is onderverdeeld in verschillende Task Forces. Freakley’s commandant is op zijn beurt de strategische commandant van het CFC-A, de Amerikaanse luitenant-generaal Karl Eikenberry.

Zonder steun van de lokale bevolking kan de opdracht niet worden voltooid. Met name hearts & minds zijn daarom van vitaal belang. In Nederland wordt ‘Uruzgan’ algemeen gezien als de gevaarlijkste missie sinds Srebrenica (1995). Nederland zal een zwaar bewapende vredesmacht uitzenden.

De ‘Dutch approach’ (“vriendelijk maar robuust”) draait in de eerste plaats om respect voor lokale gebruiken en tradities. Nederlandse militairen staan er na vele Peace Support Operations (voormalig Joegoslavië, Irak e.d.) om bekend met verstand van zaken te werk te gaan. Dit is een vereiste om zowel veiligheid en vrede na te streven als wederopbouw. Agressie wordt zo weinig als nodig vertoond. Wat de wederopbouw betreft zal naar verluidt zo'n 15% van de Nederlandse militairen zich bezighouden met CIMIC-activiteiten, met name gericht op Quick Impact Projects.

Overigens heeft de Australische Minister van Buitenlandse Zaken Alexander Downer op 30 januari 2006 laten weten 400 Australische militairen te willen bijdragen aan de Nederlandse missie in Uruzgan.

De ligging is op ± 12 km ten noordoosten van Kamp Holland in Tarin Kowt, aan het begin van de roemruchte Baluchi- of Dorufshan-vallei. Daar is traditioneel de Taliban geconcentreerd. Het dal verbindt de districten Tarin Kowt en Chora in de provincie Uruzgan. In het kader van de inktvlekstrategie is de post in december 2006 opgezet om permanent in het Nederlandse gebied van verantwoordelijkheid aanwezig te zijn ten einde de veiligheid van de bevolking beter te kunnen waarborgen.

De post ligt op een rotsplateau middenin een uitgebreide vlakte in de nabijheid van het oord Sorkh Morghab, dat op een hoogte van 1.435 meter ligt. Vanaf de FOB kan met verrekijkers de ingang van de vallei onder permanente waarneming worden gehouden.

De FOB is opgezet volgens het principe van de qala: de traditionele, ommuurde Pashtun-hoeve met meerdere, eveneens lemen woonverblijven. Ter versterking van de qala zijn wallen van zandzakken, hesco’s en containers geplaatst én schutterstellingen gecreëerd. De multifunctionele qala wordt ‘Afghan House’ genoemd en heeft een grote ontvangstruimte waar de Uruzganen thee en fruit krijgen en hun wensen en grieven kenbaar kunnen maken.

De post is onafgebroken bezet door een Nederlands infanteriepeloton, dat per toerbeurt wisselt, én militairen van de Afghan National Army (ANA).

De militairen van de rotatie van de Battle Group van de Task Force Uruzgan-2, afkomstig van 17 Pantserinfanteriebataljon Garderegiment Fuseliers Prinses Irene, hebben de FOB vernoemd naar de buitenpost Poentjak op West-Java, gevestigd in 1947.

Het 3de bataljon van de Koninklijke Nederlandse Brigade Prinses Irene werd in november 1946 in Tandjoeng Priok ontscheept in het kader van haar bijdrage aan de onafhankelijkheidsoorlog in Nederlands-Indië. Het bataljon onder leiding van luitenant-kolonel S.L.F. de Hartogh werd onmiddellijk naar het gebied van de Poentjak-pas overgebracht om een deel van de konvooiweg van Batavia naar Bandoeng – in de sector tussen Poentjak en Tjiawi – én een strook van 5 km ter weerszijden te beschermen. Het bataljon werd toegevoegd aan het OVW-bataljon 1-4 Regiment Infanterie die in het vak van de W-Brigade was ontplooid.

De Poentjak – oude spelling “Puncak”, afgeleid van “pamuntjak” in het Bahasa Indonesia, dat “excelsior, hoger, top” betekent – is een bergpas die op ± 1.500 meter hoogte ligt. De weg ernaartoe maakt deel uit van vanaf 1810 aangelegde Grote Postweg (Jalan Raya Pos) over de volle lengte van Java. Deze weg dwars door Java is onder de Nederlandse gouverneur-generaal Herman Willem Daendels door dwangarbeid tot stand gekomen om een snelle verplaatsing van troepen mogelijk te maken.

De Poentjak-pas, ± 90 km ten zuiden van Jakarta, was de verbinding tussen Buitenzorg (nu: Bogor) aan de ene én Bandung en Tjiandjoer aan de andere kant. De doorgang is het hoogste punt op de Megamendung, die tot het 2.960 meter hoge Gunung Gedeh-gebergte behoort.

De Poentjak-pas op West-Java, waar de weg steil omhoog liep, was destijds een beruchte plaats voor een hinderlaag. Het is dan ook niet zo vreemd dat het bataljon ook daar een vooruitgeschoven post bezette.

Sinds medio maart 2008 zijn de FOB’s Poentjak en Volendam in zijn geheel overgegaan op Afghaanse veiligheidstroepen. Sindsdien bezetten Nederlandse militairen, samen met militairen van de Afghan National Army, de volgende 4 patrouilleposten:

F.O.B. Volendam

De tweede vooruitgeschoven post van de Task Force Uruzgan (TFU) is de FOB Volendam.

De forward operating base Volendam bevindt zich ten noorden van Camp Hadrian in Deh Rawood en is bereikbaar door een vlak en weids woestijngebied tussen de compound en de FOB over te steken. De kleinschalige post ligt op een hoger gelegen locatie in de nabijheid van één van de vele bergruggen in Uruzgan. Hier vandaan worden patrouilles in de directe omgeving uitgevoerd.

Op de FOB Volendam is een Multi-Functionele Quala (MFQ) gebouwd – een groot ommuurd Afghaans huis met muren van ± 80 cm dik.

De post is vernoemd naar het schip dat het eerste Irenebataljon naar toenmalig Nederlands-Indië verscheepte. Dat bataljon was het 3de Regiment Prinses Irene (3-RPI) onder commando van de luitenant-kolonel mr. S.L.F. de Hartog. 3-RPI vertrok op 16 oktober 1946 met de 'TSS Volendam' om op 13 november 1946 te ontschepen in de haven van Tandjung Priok (Jakarta) op het eiland Java .

Het turbineschip (TSS) ‘Volendam’, van oorsprong een passagiersschip van de Holland Amerika Lijn (HAL), was in 1940 gecharterd door de Britse regering om gedurende de jaren 1940-1946 te dienen als troepentransportschip. De TSS ‘Volendam’ was het enige HAL-schip dat op Nederlands-Indië heeft gevaren en militairen heeft vervoerd. De capaciteit van het schip bedroeg ± 2.500 militairen.

Opposing militant forces

Lange tijd was Uruzgan het toevluchtsoord van de beruchte voortvluchtige Taliban-leider Mullah Mohammed Omar. Omar, de leider van de Taliban, houdt zich ergens in de bergen schuil, hoewel zijn machtsbasis voorheen in zijn geboorteplaats Kandahar lag. Onder zijn leiding veroverde de Taliban in 1996 het leeuwendeel van Afghanistan, waarmee toentertijd een einde kwam aan een burgeroorlog die woedde tussen de verschillende Mujahadeen-facties. Omar werd wereldwijd berucht door zijn vernietiging van de beroemde beelden in Bamiyan en zou nauwe banden onderhouden met Osama Bin Laden.

Na de terroristische aanslagen in de Verenigde Staten van 11 september 2001 en de daaropvolgende Amerikaans-Britse activiteiten in Afghanistan, kunnen de oorlogshandelingen van met name Special Forces vandaag de dag nog lang niet ten volle worden gezien als een strategische en morele overwinning.

De Amerikaanse operaties in Afghanistan hadden de bedoeling Osama bin Laden en de zijnen gevangen te nemen en de infrastructuur van Al Qaida te vernietigen.

Ook zou Afghanistan hervormd en gedemocratiseerd worden. Die taak ligt nu goeddeels bij de NAVO-operatie ISAF, terwijl het Amerikaanse deel - operatie ‘Enduring Freedom’ - zich blijft richten op de jacht op de Taliban en Al Qaida.

In Afghanistan zijn weliswaar verkiezingen gehouden, maar de essentiële voorwaarden voor het correct functioneren van een democratie ontbreken. De macht in Afghanistan is in handen van Amerikaanse militairen, clans, Taliban, Al Qaida en drugsbaronnen. Zelfs de Amerikaanse militairen in operatie ‘Enduring Freedom’ voelen zich meesttijds blijkbaar zo kwetsbaar dat zij zich slechts verplaatsen onder directe bescherming van Amerikaans luchtoverwicht.

Dit is des te opmerkelijker, omdat de Verenigde Staten in april 2004 nog eens 2.000 extra mariniers hebben gestationeerd in de provincies Kandahar en Uruzgan. In december 2004 startte de VS bovendien nog een groot offensief, operatie ‘Lightning Freedom’, in Uruzgan én de provincies Kandahar en Zabul, waarbij twee Taliban-leiders werden gearresteerd. De afgelopen vier jaar hebben de VS consequent een mariniersbrigade in Uruzgan ontplooid gehad. Het is dus niet vreemd dat de MIVD in een rapport Uruzgan omschrijft als een “complexe en risicovolle provincie”.

De MIVD schat de totale omvang van de Opposing Militant Forces (Taliban, Al Qaida en andere radicale krijgsheren) op 300 à 350.
De OMF opereren in groepen van 10 à 20 personen rondom één commandant.
Volgens de MIVD komen de strijders vanuit de provincie Zabul naar Uruzgan. Zabul is ook de enige Afghaanse provincie waar de Taliban een eigen gouverneur hebben benoemd.

De noordelijke bergen van de provincie bieden de OMF de vrijplaatsen van waaruit aanvallen worden geopend op de dichterbevolkte provincies Helmand en Kandahar. Volgens sommige berichten zouden zich in het noorden van Uruzgan alweer trainingskampen bevinden, zij het op kleine schaal.

Veel van de (zelfmoord)aanslagen die recent in Uruzgan hebben plaatsgevonden zijn overigens het werk van buitenlanders die uit ideologische motieven naar het gebied zijn getrokken, in het bijzonder uit landen als Uzbekistan, Pakistan en Saoedi-Arabië.

Moslims die zich actief met militair en/of politiek georiënteerd fundamentalisme bezighouden, inclusief terrorisme, én een heilige oorlog (jihad) prediken worden ook wel “jihadisten” genoemd.

Locals die het vuur openen op de coalitietroepen en niet kunnen worden geïdentificeerd als leden van de Taliban of Al Qaida worden in het NAVO-jargon ook wel aangeduid als Other Enemy Forces (OEF. HIerbij kan met name worden gedacht aan lokaal geworven sympathisanten die "niet positief" tegenover de coalitietroepen in Afghanistan staan.

Algemene gegevens

Belangrijkste bron van inkomsten
Landbouw (papaverteelt t.b.v. opium, abrikozen en amandelen)
Veeteelt (kamelen en schapen) .
Drugshandel
(Afghanistan is het op drie na armste land ter wereld)

Bevolking
Pathanen: feodale, nomadische en tribale bevolking.

Endemische ziekten
Malaria en tuberculose

Gouverneur
Abdul Hakim Munib

Inwoners
735.000 (2004).
Door het onophoudelijke geweld is de bevolking de afgelopen 5 jaar gehalveerd.

International Organizations (IO's) en Non-Governmental Organizations (NGO's)
Geen buitenlandse hulporganisaties actief.
Cordaid, de grootste Nederlandse hulporganisatie, laat in Uruzgan lokale hulporganisaties het werk opknappen.

Klimaat
IJskoude winters en snikhete zomers.

Landmijnen en UXO’s
Bezaaid met souvenirs uit de strijd tegen de Sowjet-militairen in de jaren ’80

Landschap
Bergachtig, onherbergzaam en ruig

Oppervlakte
30.040 km2 (in grootte vergelijkbaar met België).

Stammen
Binnen de Pashtun bevinden zich in Uruzgan vier stammen: Achakzai, Kakal, Noorzai en Popolzai. De erecode van de Pashtun, de Pashtunwali, is heilig en mag niet worden veronachtzaamd naast de wetten van de islam. De Pashtunwali draait om de begrippen eer, gastvrijheid, solidariteit en wraak. De pashtunwali is erop gericht om schaamte ("haya") te voorkomen en eer ("namuzi") te verkrijgen, zowel voor zichzelf als voor de familie.
Tot de Popolzai, de meest dominante stam, behoort president Hamid Karzai.

Talen
Pathaans / Pushtu
Daarnaast: Dari (spreektaal van Hazara en Tadzjieken, die de Afghaanse variant is van het Perzisch)

Tijdverschil
3½ uur later dan GMT / UTC; tijdens zomertijd (26 maart t/m 29 oktober 2006) 4½ uur later; soms wordt ook een tijdverschil van 3 resp. 4 afgeronde uren gehanteerd

Wegen
Nagenoeg allen onverhard; zandpaden en drooggevallen rivierbeddingen worden veelvuldig gebruikt
De Amerikaanse genie heeft een weg aangelegd die Tarin Kot verbindt met Kandahar

Special forces
Van maart 2005 tot maart 2006 hebben Nederlandse Special Forces in Afghanistan deelgenomen aan de Amerikaanse operatie ‘Enduring Freedom’ (OEF). Het betrof hier een detachement van het Korps Commandotroepen (KCT) én personeel van het Korps Mariniers, in totaal 165 militairen. Daarnaast waren er 85 militairen aan toegevoegd voor de drie Chinook CH-47D transporthelikopters.

Samen met andere landen namen zij als ‘framework nation’ deel aan de Combined Joint Special Operations Task Force-Afghanistan (CJSOTF-A), een onderdeel van het Combined Forces Command-Afghanistan (CFC-A).

Het hoofdkwartier van de CJSOTF-A zetelt op Bagram Air Base, ± 60 km ten noordwesten van de hoofdstad Kabul. Het operatiegebied van de Nederlandse Special Forces was het zuidoosten van Afghanistan. De Nederlandse Special Forces, gelegerd in de nabijheid van Kandahar Air Base, kregen opdrachten van C-CJSOTF-A.

De opdrachten van de Nederlandse commando’s en mariniers moesten wél te allen tijde binnen het mandaat vallen dat zij vanuit Nederland hadden meegekregen. Om dat de bewaken was een Nederlandse officier op het HQ gedetacheerd als zgn. Red Card Holder (RCH).

De RCH was namens de Nederlandse Commandant der Strijdkrachten (CDS) bevoegd een opdracht aan de Nederlandse Special Forces te weigeren – letterlijk: een rode kaart te trekken. Overleg door de RCH met bijvoorbeeld de C-CJSOTF-A over het al dan niet inzetten van de Special Forces had plaats over een beveiligde cryptotelefoon (PNVX).

De Nederlandse Special Forces hebben de Amerikaanse militairen in OEF geholpen in de jacht op Al Qaida en Taliban. Maar de Nederlandse regering wilde niet dat gevangengenomen personen terecht zouden komen in het Amerikaanse detentiesysteem voor aangehouden Al Qaida- en Taliban-strijders. Omdat de Amerikaanse regering het aanhouden van dergelijke strijders die zich bezighouden met het internationaal terrorisme, met name in Afghanistan en Irak, niet direct wil scharen onder het oorlogsrecht, worden zij niet aangeduid als P.O.W. (krijgsgevangene) maar als Person Under Control (PUC); zij hebben géén toegang tot het Amerikaanse rechtssysteem en kunnen niet dezelfde rechten als krijgsgevangenen ontlenen aan de Conventies van Genève.

Sinds fase-III van de International Security Assistance Force (ISAF) is de Nederlandse krijgsmacht de volgende collega's ontvallen:

26 juli 2006
Bij een ongeval met een Russische MI-8 helikopter in de provincie Paktia komen de 47-jarige luitenant-kolonel Jan van Twist van de Koninklijke Luchtmacht én de 29-jarige sergeant Bart van Boxtel van 11 Infanteriebataljon Luchtmobiel Air Assault Garderegiment Grenadiers en Jagers om het leven.

31 augustus 2006
De 29-jarige kapitein-vlieger Michael Donkervoort crasht met zijn F-16.

11 oktober 2006
Sergeant Willem Dijkstra van de genie berooft zich van het leven.

6 april 2007
De 33-jarige sergeant der eerste klasse Robert Donkers, Algemeen Militair Verpleegkundige bij de B-Compagnie van 42 Pantserinfanteriebataljon Regiment Limburgse Jagers, overlijdt bij een ongeval met een Patria-pantserwielvoertuig.

20 april 2007
De 21-jarige korporaal Cor Strik van 11 Infanteriebataljon Luchtmobiel Air Assault Garderegiment Grenadiers en Jagers komt om het leven nadat hij op een bermbom is gestapt.

15 juni 2007
De 20-jarige soldaat der eerste klasse Timo Smeehuijzen van 42 Pantserinfanteriebataljon Regiment Limburgse Jagers komt bij een zelfmoordaanslag om het leven.

18 juni 2007
Bij gevechtshandelingen rondom het oord Chora komt de 44-jarige sergeant-majoor Jos Leunissen van 13 Infanteriebataljon Luchtmobiel Air Assault Regiment Stoottroepen Prins Bernhard om het leven.

12 juli 2007
In het Centraal Militair Hospitaal in Utrecht overlijdt de eerste luitenant Tom Krist van 42 Pantserinfanteriebataljon Regiment Limburgse Jagers (42 BLJ) aan de verwondingen die hij op 10 juli 2007 opliep bij een zelfmoordaanslag op de bazaar in Deh Rawood.

26 augustus 2007
Bij de Cutu-brug (Cutu-crossing), 12 km ten noorden van de Nederlandse basis in Deh Rawood, stapt sergeant der eerste klasse Martijn Rosier van 111 Pantsergeniecompagnie uit Wezep op een improvised explosive device (IED). Hij is op slag dood.

20 september 2007
Bij een vuurgevecht op 5 km noordelijk van de Nederlandse basis in Deh Rawood, net ten zuiden van de forward operating base Volendam, komt de 20-jarige soldaat der eerste klasse Tim Hoogland van de Bravo Compagnie van 13 Infanteriebataljon Luchtmobiel Air Assault Regiment Stoottroepen Prins Bernhard om het leven.

3 november 2007
De 21-jarige korporaal Ronald Groen komt om het leven als de Fennek waarin hij zit 5 km ten noordwesten van de forward operating base Poentjak op een improvised explosive device (IED) rijdt. Groen is afkomstig van 43 Gemechaniseerde Brigade, gelegerd op de Johannes Postkazerne in Havelte.

12 januari 2008
Bij een vuurgevecht in de buurt van de Nederlandse basis Camp Hadrian in Deh Rawood komen rond 21.00 uur Afghaanse tijd de 20-jarige soldaat Wesley Schol en de 22-jarige korporaal Aldert Poortema om het leven door friendly fire tijdens een langdurig vuurgevecht tussen eenheden van de Task Force Uruzgan en de Opposing Militant Forces. Beide militairen zijn afkomstig van 44 Pantserinfanteriebataljon Regiment Johan Willem Friso op de Johannes Postkazerne te Havelte. Het is voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog dat er Nederlandse militairen door eigen vuur omkomen.

18 april 2008
Bij een aanslag met een improvised explosive device (IED), rond 07.30 uur lokale tijd, op ± 12 km ten noordwesten van Kamp Holland in het Deh Reshan gebied komen de 22-jarige soldaat der eerste klasse Mark Schouwink en de 23-jarige eerste luitenant Dennis van Uhm om het leven. Van Uhm is de zoon van de één dag eerder aangetreden nieuwe Commandant der Strijdkrachten (CDS), generaal Peter van Uhm. Beide militairen, die deel uitmaken van 45 Pantserinfanteriebataljon Regiment Infanterie Oranje Gelderland (RIOG), zaten in hetzelfde voertuig.

7 september 2008
Bij een aanslag met een improvised explosive device (IED) op 3 km van de forward operating base (FOB) Qudus in de Baluchi-vallei, komt rond 15.00 uur lokale tijd de soldaat der eerste klasse Jos ten Brinke van 41 Pantsergeniecompagnie om het leven. Ten Brinke was de chauffeur van de YPR-765 die op de IED reed. Nog eens vijf andere Nederlandse militairen raken gewond.

19 december 2008
In Uruzgan komt de 24-jarige sergeant Mark Weijdt om het leven als hij rond 14.00 uur lokale tijd tijdens een vuurgevecht in de Baluchi-vallei op een improvised explosive device stapt. De bij 12 Infanteriebataljon Luchtmobiel AASLT Regiment Van Heutsz in Schaarsbergen gelegerde onderofficier was met zijn eenheid bezig aan een meerdaagse operatie, die bijna was afgerond, in een gebied waar de Nederlanders nog nauwelijks waren geweest. De operatie was bedoeld om contact te maken met de bevolking.

6 april 2009
Om 18.00 uur lokale tijd is in Uruzgan de 20-jarige soldaat der eerste klasse Azdin Chadli bij een raketaanval op Kamp Holland in Tarin Kowt om het leven gekomen. Vijf andere Nederlanders en twee Afghanen raakten gewond. Van de Nederlandse gewonden zijn er twee, onder wie een vrouw, voor behandeling overgebracht naar het hospitaal op Kandahar Air Field (KAF). Het is de eerste keer dat personeel is getroffen bij een raketaanval op Kamp Holland.

 

Bron: http://www.boekje-pienter.nl/html/uruzgan.htm#uruzgan-intro

Meer informatie :

 

AfghanTube.Eu
partner 4afghan Netwerk

  Top  Muziek
This text will be replaced
     Nieuwe clip
    
      Valy Hedjasi

      Farhad shams

      
Khaled Kayhan

 

                 Ghazal

 

 
 
 
  Wij zijn niet verantwoordelijk voor de juistheid of de volledigheid van de informatie die wij beschikbaar stellen op deze site.Voor uw opmerking of suggesties info@4afghan.nl  2007 www.4afghan.nl  sitemap